Interventies bij zelfsturend leren

Tijd voor advies! De leerling heeft de competenties Zelfsturend leren gemeten en heeft feedback gegeven over de ervaren ondersteunende competenties. 

Om het advies passend te maken bij de prototypische leerlingprofielen is er gezocht naar combinaties van competenties. Vrijwel alle combinaties betreft twee competenties Zelfsturend leren óf een combinatie Zelfsturend leren + een ondersteunende competentie (richting, ruimte en ruggensteun).

Competenties zelfsturend leren

Nog even de competenties zelfsturend leren op een rijtje:

  1. Eigen regie (‘Zelf kiezen’): je bent in staat zelf de controle te nemen over eigen leerproces: waar, wanneer, wat, hoe en met wie.
  2. Leerstrategieën (‘Zelf plannen’): je denkt na over een persoonlijk leerdoel en plant de weg er naartoe.
  3. Sociaal leren (‘Samen leren’): je doet een beroep op je sociale omgeving die kan bestaan uit leeftijdsgenoten of begeleiders.
  4. Reflecteren op je leren (‘Nadenken over je leren’): je denkt na over hoe je leert en ontwikkelt.
  5. Reflecteren op je schoolwerk (‘Nadenken over je vakken’): je bekijkt waar je het voor doet en dat maakt het belangrijk voor je.
  6. Motivatie voor leren (‘Willen leren’): je wil graag nieuwe dingen leren en begrijpen. Je stopt er tijd in om beter te worden.
  7. Zelfvertrouwen (‘Kunnen leren’): je hebt heb er vertrouwen in dat je je schoolwerk goed doet. Je weet zeker dat je nog beter kunt worden in je vakken.

Ondersteunende factoren

Een school kan het zelfsturend leren van leerlingen stimuleren op drie manieren:

  1. Richting: ‘We gaan die kant op!’
    • De school heeft een duidelijk beeld van wat zij van leerlingen verwacht en deelt dat op een begrijpelijke en toegankelijke manier.
  2. Ruimte: ‘Ga je gang!’
    • De school biedt leerlingen voldoende ruimte om op een voor hen passende manier aan de slag te gaan met leren en om zelf met nieuwe ideeën te komen.
  3. Ruggensteun: ‘We steunen je!’
    • De school herkent, erkent en waardeert de inspanningen van leerlingen wanneer zij hun best doen zichzelf of hun prestaties te verbeteren.

Adviezen bij combinaties

Hieronder zijn voorbeelden van combinaties uit de literatuur weergegeven. Het betreft zowel combinaties tussen competenties onderling als tussen competenties en ondersteunende factoren.

Bij lage score ‘Zelf kiezen’

  • En ervaren Ruimte ook laag is: geef genoeg ruimte om eigen keuzes te kunnen maken.
  • En Nadenken over je leren/vakken ook laag is: ga na of de leerling wel of niet weet wat hij wil leren of verbeteren.
  • En Zelf plannen ook laag is: help de leerlingen eerst duidelijke doelen te formuleren.

Bij lage score ‘Zelf plannen’

  • En ervaren Ruimte en/of Zelf kiezen redelijk hoog zijn: geef vooral aan het begin minder ruimte, maar laat de leerlingen vervolgens steeds meer keuzes maken.
  • En Samen leren laag is: laat dan de leerlingen meer met (ervaren) medeleerlingen samenwerken. Door deze ervaringen krijgen leerlingen ervaringen over wat de standaarden voor goede prestatie zijn, en kunnen ook ervaren hoe ervarende collega’s hun eigen keuzes maken.

Bij lage score Nadenken over je leren/vakken

  • En lage score Zelf plannen: geef de leerling richting en vertel wat van hem verwacht wordt, bijv. wanneer is het (on)voldoende, goed, of fout?

Bij lage score Willen leren

  • En ervaren ruimte en/of Zelf kiezen redelijk laag zijn: geef de leerling meer ruimte, gevoel van controle.
  • En Samen leren laag is: stimuleer de leerling om samen met medeleerlingen aan de opdrachten te werken.
  • En Ruggensteun redelijk laag: geef positieve feedback aan de leerling. Bijvoorbeeld je hebt deze opdracht goed aangepakt, zeker die verdiepingsslag heeft goed uitgepakt, ga zo door, enz.
  • En Ruggensteun redelijk laag: geef feedback om de relevantie van de taak/opdracht beter te laten zien: als de leerling de link tussen de taak en wat hij moet leren kan zien, vergroot dit de motivatie.
  • En lage score Zelf plannen: geef niet veel ruimte om te voorkomen dat leerling overbelast raakt doordat er teveel keuzes gemaakt moeten worden.

Bij lage score Kunnen leren

  • En lage Ruggensteun: geef de leerling positieve feedback, misschien is het niet nodig dat hij zich zo onzeker voelt.
  • En lage score Zelf plannen: help de leerling een doel te stellen dat hij snel kan bereiken, en help de leerling verschillende manieren te bedenken om het doel te bereiken.
  • En Samen leren laag: bedenk wie de leerling hierbij kan helpen of steunen. Misschien kan een goede leerling met hem meedenken over manieren om je doel te halen. Of misschien kan de leerling aan een medeleerling vragen om hardop te vertellen of uitleg te geven terwijl hij een taak aan het doen is die de leerling lastig vindt.
  • En hoge ervaren Zelf kiezen en/of ruimte: geef eerst niet zo veel ruimte aan de leerling. Geef meer structuur totdat het vertrouwen in eigen kunnen omhoog gaat.
  • Geef simpele feedback ter bevestiging van succes: ’goed gedaan (en waarom)’ of hints om te laten zien wat je goed doet, bijv. ‘maak een lijst voor jezelf van al de stappen jij goed gedaan hebt’.

Adviezen per afzonderlijke competentie

Naast deze adviezen per ‘duo-combinatie’, is er op basis van inzichten uit de literatuur een lijst met adviezen per afzonderlijke competenties opgesteld.

Zelf kiezen

Geef je de leerling onvoldoende tijd en gelegenheid om eigen keuzes te kunnen maken?

(a) weinig ruimte door docent:

  • Geef genoeg ruimte om eigen keuzes te kunnen maken.
  • Praat met de leerlingen over welke mogelijkheden er wel zijn.

(b) leerling krijgt wel ruimte maar kan geen keuzes maken:

  • Geef ondersteuning en structuur zodat de leerling betere keuzes kan maken. Bijvoorbeeld door hem meer tijd te geven.
  • Ga na of de leerling voldoende informatie heeft om een keuze te kunnen maken. Geef tips waar ze informatie kunnen vinden.
  • Een keuze maken gaat makkelijker als je duidelijke doelen hebt.

Zelf plannen

  • Vraag de leerling eerst te bedenken wat hij wil verbeteren.
  • Help de leerling doelen te identificeren en formuleren.
  • Help leerlingen een doel te kiezen dat niet te moeilijk te behalen is en concreet is. Help leerlingen om te bedenken wat er allemaal nodig is om dit doel te bereiken.
  • Vraag de leerling om een realistisch stappenplan te maken.
  • Vraag de leerling om het stappenplan aan te passen als je merkt dat het niet lukt.

Samen leren

Help je leerling of vraag medeleerlingen om de leerling te helpen:

  • Bied hulp aan leerlingen tijdens de opdrachten of het leren.
  • Vraag medeleerlingen om met de leerling te praten over dingen die ze geleerd     hebben in het werk. Hoe ze zijn omgegaan met lastige situaties.

Vraag de leerling expliciet van de medeleerlingen te leren:

  • Kijken hoe een ervaren leerling de opdrachten uitvoert.
  • Wat ze denken dat de leerling goed doet en wat hij nog kan verbeteren.

Nadenken over je leren/vakken

Stel de volgende vragen aan de leerling:

  • Wat betreft het (eind)product: Hoe ging het? Goed of slecht? Is het doel bereikt? Stel ook vragen over de prestatie: Bijv. hoeveel opdrachten heb je gemaakt? En hoe snel? Ben je tevreden over je prestatie?
  • Wat betreft het proces: Hoe ging het? Wat ging er precies goed of fout?

Wat moet voortaan anders en wat kan hetzelfde blijven?

  • Vertel de leerling wat van hem verwacht wordt: Wanneer is het (on)voldoende, goed, fout?
  • Vraag de leerling of hij een weblog wil beginnen: weblogs zijn zeer geschikte tools om reflectie te ondersteunen en stimuleren.

Willen leren

  • Stimuleer de leerling om samen met medeleerlingen aan de opdrachten te werken.
  • Geef leerling meer gevoel van controle.
  • Geef positieve feedback aan de leerling, bijv. goed gedaan, ga zo door.
  • Geef de leerling het gevoel dat hij de volgende keer succesvol kan zijn.
  • Bespreek met de leerling wat de voordelen zijn van nieuwe dingen te leren of goed de opdrachten doen.

Kunnen leren

  • Vertel de leerling wat er wel goed gaat en wat hij nog kan verbeteren.
  • Vraag de leerling om een lijst te maken voor zichzelf van alle dingen waar hij goed in is.
  • Vraag de leerling te bedenken wat hij kan doen als het niet meteen lukt . Bedenk wie de leerling hierbij kan helpen of steunen.
  • Geef simpele feedback ter bevestiging van succes.

Ga in gesprek

Zodra vragenlijsten zijn ingevuld via Check jezelf kun je met iemand anders de resultaten bespreken aan de hand van het Dashboard. We hebben daarvoor een stappenplan gemaakt.

Gebruik dit stappenplan voor een goed gesprek met je leerling. Of laat de voorbereiding bij de leerling zelf. Voor een goed gesprek met een leerkracht, de mentor, een ouder of een medeleerling.

Plaatje van stappenplan dashboardgesprek (2022) Leerbaas.app © Future Life Research

Login